Museum van Midden Afrika Tervuren




Begeleidende leerkrachten:
  • Mw Hilde Fonk
  • Mw Therèse Roeland
  • Mr Bert Achtergaele
  • Mw Martine Arijs
  • Kostprijs :
    Groep 1:
    workshop Afrika algemeen: 10.00 u tot 12.30 u
    lunchpauze: 12.30 u tot 14.00 u
    vrij bezoek aan het museum: 14.00 u tot 15.00 u
    Uiteraard kan je ook je lunchpauze inkorten!


    Groep 2:
    vrij bezoek aan het museum: 10.00 u tot 11.30 u
    lunchpauze: 11.30 u tot 13.00 u
    workshop muziek: 13.00 u tot 15.00 u
    Uiteraard kan je ook je lunchpauze inkorten!

    De afspraak voor de workshop is de centrale inkom!!!

    Uur vertrek : ..............................
    Terug: .....................................

    In je bundel vind je ook een plan van het museum en een beetje uitleg die je door de zalen kan gidsen. Je kan een lunchpakket meebrengen.

    NOG EVEN JE AANDACHT : 's avonds ter afsluiten van de themadag Afrikaans feest
    Iedereen wordt verwacht !!
    Activiteiten:
    18.00 u: Afrikaanse kip met keuze uit verschillende sausen en bijgerechten
    19.00 u- 19.45 u: Optreden Afrikaanse muziek en dansgroep pauze
    20.15 u - 21.00 u : optreden Afrikaanse muziek en dansgroep


    Doorlopend activiteiten:
    Verschillende standjes : o.a. wereldwinkel, Afrikaanse likeur, Afrikaanse koekjes
    Tentoonstelling: Afrikaanse kunst gemaakt door leerlingen
    Video: Themadag Afrika (dagactiviteiten van de leerlingen)

    N.B. : Met de mogelijke opbrengst willen we graag een meisje adopteren uit Ethiopië .
    Tervuren: Koninklijk Museum voor midden- Afrika

    Inleiding

    Om in België enige belangstelling op te wekken voor zijn overzeese expansiepolitiek, zou Koning Leopold II in 1897 in Tervuren een eerste grote Koloniale Tentoonstelling inrichten. Vanaf 1898 werd er een permanent museum opgericht.

    De geschiedenis van Tervuren gaat terug tot omstreeks 1200. In die periode lieten de hertogen van Brabant er een kasteel bouwen; de ligging aan de rand van het Zoniënwoud was immers zeer geschikt als zomerverblijf en algauw werd het ook een belangrijk trefpunt voor de adellijke liefhebbers van de jacht.
    Later kwamen verschillende vorsten aan de beurt om het gebouw en de omgeving te verfraaien. Margareta van Bourgondië liet het bos vervangen door een park en tuinen. Onder de regering van de Aartshertogen Albrecht en Isabella werd het kasteel gerenoveerd en het park ommuurd ( 1625-1632); een gedeelte van deze ommuring is tot heden bewaard gebleven. Keizer Jozef II liet het kasteel in 1781 afbreken. Tussen 1817 en 1821 werd een nieuw gebouw opgericht en Willem-Frederik, Prins van Oranje, die had deelgenomen aan de slag van Waterloo, kreeg het als zomerverblijf aangeboden. In 1867 kwam prinses Charlotte, de onfortuinlijke zus van de toenmalige koning van België Leopold II, er haar intrek nemen. Maar in 1879 werd de residentie door brand vernield.
    Pas in 1897 werd Tervuren het centrum voor een koloniaal museum. Toen liet koning Leopold II op de ruïnes een gebouw oprichten om er een tentoonstelling onder te brengen over Kongo-Vrijstaat. Hij was immers vorst-soeverein van Kongo-Vrijstaat, die hij in 1885 had opgericht. In 1908 werd dit gebied als kolonie aan België afgestaan en tot de onafhankelijkheid in 1960 heette het Belgisch-Kongo. Van het toenmalige museumgebouw, nu bekend als Koloniënpaleis, heeft alleen nog de voorgevel zijn oorspronkelijke vorm bewaard. Het ligt schuin rechts achter het huidige museum. Aangemoedigd door het succes van de tentoonstelling van 1897, ging Leopold II over tot het oprichten van het Kongomuseum.
    In 1904 begon men met de bouw van het huidige museum. Het werd plechtig ingehuldigd door koning Albert in 1910.
    Het museum is gebouwd in de vorm van een rechthoek, rondom een groot binnenplein; voor- en achtergevel zijn 125 m lang, de zijgevels 71 m. De hoofdgevel geeft uit op het park en bestaat uit twee vleugels; ze zijn verbonden door een brede rotonde en het geheel is bekroond met een koepel.
    In 1960 na de onafhankelijkheid van Kongo werd het belangstellingsveld uitgebreid tot Oceanië en sommige gebieden van Noord- en Zuid-Amerika. Ook de naam van het museum veranderde van Koloniaal museum naar het museum voor Midden-Afrika.

    ETNOGRAFIE van MIDDEN-AFRIKA (zaal 2)

    In deze zaal zijn voorwerpen samengebracht die representatief zijn voor de materiële cultuur van een gebied dat zich uitstrekt over Democratische republiek Congo, Noord-Angola, Rwanda, Burundi en Zuid-Soedan. Specifieke voorwerpen voor elk volk vertegenwoordigen de verschillende cultuurgebieden en stellen telkens een overheersend cultureel aspect in het daglicht.
    Etnografie en kunst van Afrika ( met uitzondering van Midden-Afrika) (zaal 3 in voorbereiding)

    Hier werden voorwerpen bijeengebracht die diverse culturen van het uitgestrekte Afrikaanse continent illustreren.

    Sculptuur van Midden-Afrika ( zaal 4 )

    De sculpturen ten zuiden van het Congolese woud hebben een weelderige vormgeving en tonen zelfs een zeker realisme.
    De sculpturen ten noorden zijn meer geschematiseerd en sober.
    Zuidelijk deel :
    rechts vitrines i.v.m. Congo

    Verderop bevinden zich de vitrines van Kuba, Luluwa, Songye, Tshokwe, Bembe, en Luba.
    Bij hun beelden valt op: de krachtige en gedrongen vormen en de typische weergave van het gelaat.

    Het noordelijk deel
    Juwelen en siervoorwerpen (zaal 6)

    Van oudsher heeft de mens zijn lichaam verfraaid. Met kleurstoffen, sierraden en lichaamsvervormingen poogde hij zijn fysisch voorkomen mooier te maken, te verbeteren, zich van de dieren of andere mensengroepen te onderscheiden. Er waren vele redenen om iets aan het lichaam te veranderen. Het gebeurde vaak dat de mens zich de levenskracht van sommige dieren wil eigen maken. Daarom tooide hij zich met horens, klauwen, stekels, veren enz. van dieren waarvan verondersteld werd dat zij in contact stonden met het bovennatuurlijke.
    Dikwijls werden sierraden als amulet of afweermiddel gebruikt. Men droeg ze dan aan de meest kwetsbare lichaamsdelen.
    In sommige sterk hiërarchische stammen werden sierraden als klasse- en waardigheidssymbolen beschouwd.
    Maar vaak was het alleen uit loutere behaagzucht.

    Geschiedenis (zaal 7)

    Hier vind je een mooie verzameling landkaarten en iconografische documenten, zij illustreren de evolutie van de kennis van de Europeaan over Afrika.

    Geschiedenis van Kongo
    Het koninkrijk Kongo strekte zich uit over Neder-Kongo en Angola en kwam reeds op het einde van de 15de eeuw in contact met Europa, meer bepaald met d Portugese zeevaarders. In het midden van de zaal vind je een kopie van de herdenkingszuil (of padrao) die de Portugese zeevaarder (Diogo Cao) in de jaren 1482-1483 oprichtte toe hij de monding van de Zairestroom ontdekte.
    In 1491 heeft de toen regerende vorst zich laten dopen, waardoor d invloed van het katholicisme en Europa groter werd.
    De grote verzameling kruisbeelden uit Beneden-Kongo vertonen vele varianten gaande van Europees seriewerk tot specifiek Afrikaanse vormgeving.
    In een vitrine zijn enkele Europese kruiken te zien die dienden voor de invoer van alcoholische dranken uit Europa.
    Hoe de Afrikaanse kunstenaars zich de Europeaan voorstelden, zien we in een andere kast. De beelden die zich hier bevinden, zijn vooral in houtsnijwerk of messing, ze worden gekenmerkt door hun karikaturaal karakter wat betekent dat het portret zich beperkt tot enkele essentiële kenmerken.
    Ook van Stanley zijn voorwerpen tentoongesteld die hij meebracht van zijn verschillende expedities in Abessinië, zijn zoektocht naar Livingstone in Oost-Afrika, zijn reis dwars door Afrika en de Emin-Pasha expeditie.
    ( Stanley werd er door zijn krant op uitgestuurd was om Livingstone te zoeken ( omdat er geen nieuws meer kwam van Livingstone) en nadien werd hij door Leopold II ingehuurd om het Kongobekken te verkennen en met de plaatselijke hoofden akkoorden af te sluiten. )

    Herdenkingszaal : De Belgische aanwezigheid overzee (zaal 8)

    De Afrika-politiek van Leopold II :


    Afrikaans berglandschap (zaal 9)



    Land- en bosbouw economie (zaal 10)

    De landbouw speelt een belangrijke rol in vrijwel elk Afrikaans land.
    Bij het groeperen van gewassen heeft men vooral rekening gehouden met het gebruik.


    Een schaalmodel van een heuvel toont ons de nadelige gevolgen van regenerosie en de middelen om het te voorkomen.

    Het museum bezit de tweede grootste houtverzameling ter wereld.

    Zoogdieren ( zaal 13)

    In midden-Afrika vind je twee grote landschappen:


    Diorama's
    Savanne
    A: termietenheuvel, aardvarken ( dat voornamelijk van termieten leeft), sabelantilopen
    B: zebra=s, Afrikaanse wolf (= lycaon, leven in meutes en hun prooi is vaak een afgezonderde jonge zebra)
    C: zwarte savannebuffel (leeft in kuddes, is één van de grootste herkauwers, schofthoogte 1.60 m in Afrika), Nijl-lechwe (alleen de mannetjes hebben horens, meestal S-vormig , uiteinden gekromd, impala (elegantste savanneantilope)
    D: Bongo ( = grootste woudantilope, vrouwtjes hebben ook horens maar kleiner, zijn dag en nacht actief, Reuzenschubdier ( voedt zich met mieren en termieten, heeft geen tanden maar een lange kleverige tong)
    E: Nijlpaard, nijlkrokodillen (lengte kan meer dan 6 m bedragen)


    Evenaarswoud
    F: woudbuffel, apen: kleine potto - nachtaapje zonder staart, kruipt in trage bewegingen over de takken, soms hangend zoals Zuid Amerikaanse luiaard, echte apen zijn dagdieren, colobusaap leeft hoog in de bomen en slingeren met veel lenigheid van tak tot tak, de lagere ruimten van het woud worden bewoond door apen van de familie van de meerkatten.
    G: impala-antilope, luipaarden ( savanneluipaarden zijn veel lichter van kleur, meer aangepast aan het milieu = schutkleur), zadeljakhalzen.
    H: witte Afrikaanse neushoorn, is het grootste landzoogdier na de olifant, zeldzaam geworden.

    En nog vele andere Afrikaanse zoogdieren in de vitrines Nabij de doorgang naar de zaal van de vogels geeft een kaart je een overzicht van de zoogdierfauna in Afrika.

    Vogels (zaal 15)

    vissen , reptielen en amfibieën (zaal 16)

    insecten en andere ongewervelden (zaal 17)

    Geologie en mineralogie (zaal 18)

    Prehistorie en archeologie (zaal 19)

    Je begint je bezoek best vanuit de zaal van de zoogdieren.
    Rechts: evolutie van het leven, de mens op aarde


    Voorstelling van enkele technieken en hulpwetenschappen bij de studie van de prehistorie
    Vitrines met PREHISTORISCHE VOORWERPEN
    Zoölogische diaorama=s (zaal 20)

    Vergelijkende Etnografie (zaal 21)

    Voorouderbeelden:
    mensen richten zich tot hun voorouders of andere bovennatuurlijke wezens om zich te beschermen tegen ongeluk, om sociale banden te verstevigen of om vruchtbaarheid en overvloed te vragen.


    Gezagssymbolen:
    Houten potdeksels:
    illustreren bepaalde spreuken en gezegden (als de vrouw het nodig acht kan ze bij het opdienen van een maaltijd een potdeksel met en aangepaste spreuk kiezen, meestal is die dan een verwijt aan het adres van de man)


    Ziekte en dood:
    worden toegeschreven aan bovennatuurlijke oorzaken. Een lijk wordt in matten gewikkeld en begraven, in sommige gebieden wordt het gerookt of gedroogd, elders met meters stof omwikkeld, of in een lijkkist bijgezet.


    Muziekinstrumenten:
    4 categoriën:
    idiofonen:vb. Xylofoon, klok, rammelaar, sanza
    aerofonen (= blaasinstrumenten)
    cordofonen (= snaarinstrumenten)
    membrafonen ( trommels)