Spelen op z'n Afrikaans
Volkspelen kennen van oudsher een enorm succes. Het is een tijdverblijf voor jong en oud. De Afrikaanse volkspelletjes worden gekenmerkt door hun eenvoud en worden gespeeld met goedkope en meestal gevonden attributen. Kinderen spelen met wat ze op straat vinden.
Enkele voorbeelden:
'PAK DE STOK'
Bij dit Egyptisch spel gaat het om snelheid. Een willekeurig aantal kinderen kan meedoen. Elke speler heeft en stok nodig. De spelers vormen een cirkel en staan ongeveer 2,5 m van elkaar. Ieder houdt de stok loodrecht met het uiteinde op de grond. Zodra de spelleider 'wissel' roept, laat iedereen de stok vallen en rent naar de stok van zijn buurman rechts. Men moet proberen de stok te grijpen voor hij valt. Het spel duurt tot dat een speler overblijft.
'GUTERA URIZIGA'
Met stokken en een autoband spelen de kinderen in Ruanda op straat. Iedere speler heeft een stok nodig. De spelleider laat een autoband nodig. De spelers moeten proberen de stok door de band te gooien.
'BAL ONTWIJKEN'
Er wordt een lring gevormd met in het midden één speler. De anderen moeten trachten hem met een gummibal te raken.
'DIKETO'
Men legt 8 stenen in een kuiltje. De negende steen werpt men in de lucht. Met dezelfde hand neem je alle stenen uit het kuiltje en vang je de negende steen op. Als dit niet lukt speelt de volgende.
Verslag volkspelen
15 personen staan in een kring en houden een bezemsteel vast. Ze moeten de steel zo recht mogelijk op de grond plaatsen en met hun wijsvinger verhinderen dat de steel valt. Op het signaal moeten ze naar de bezemsteel links van hen lopen. De bedoeling is om deze te kunnen vastgrijpen vooraleer hij valt. Wanneer die toch de grond raakt, is de speler die hem moest opvangen verloren en moet hij uit de cirkel verdwijnen. De cirkel bevat zo steeds minder en minder leerlingen, waardoor de afstand tussen de bezemstelen steeds groter wordt. Diegene die als laatste overblijft, wint het spel.
Voor het volgende spel dienen alle leerlingen zich schouder aan schouder op te stellen, gewapend met hun bezemsteel. Vervolgens wordt er een autoband gerold, evenwijdig met de leerlingen. De bedoeling van het spel is om je speer (bezemsteel) door de opening van de autoband te werpen. Hoewel de band slechts een vijftal meter verwijderd is van de leerlingen (normaal 15 meter) slagen slechts enkelen in de opdracht. De teleurstelling staat hun op het gezicht te lezen.
"Bal ontwijken" lijkt op "Tussen twee vuren". Het verschil zit hem in de verdeling van de ploegen. Bij "Tussen twee vuren" de ploegen evenredig verdeeld, terwijl bij "Bal ontwijken" slechts één persoon tegen al de rest kampt. De leerlingen gaan in een grote cirkel staan. De ene persoon gaat, in een cirkel met een diameter van één meter, in het midden van de grote cirkel staan. De leerlingen die de grote cirkel vormen, moeten elk om beurten met een gummiballetje de leerling in het midden proberen te raken. De persoon die hierin slaagt, moet de plaats innemen van de persoon in het midden. Als de leerling in het midden wordt geraakt of de kleine cirkel verlaat, verliest hij en neemt een andere leerling zijn plaats over. Als hij het een minuut uithoudt zonder geraakt te worden en zonder de kleine cirkel te verlaten, wint hij. Alleen Jeroen Van Der Stockt slaagt hierin, ook al deed de rest ook ontzettend hun best.
En dan nu mijn persoonlijke favoriet: kokosnoot-bowling. Dit vrij ingewikkelde spel wordt gespeelt met vijf zeer smalle kegels en …een kokosnoot. De spanning is te snijden wanneer elke deelnemer op zijn beurt probeert een record te vestigen. Maar werd dit spel wel uitgevonden om op beton te spelen? De eerste kokosnoot sneuvelt reeds na de tweede worp. Iedereen amuseert zich te pletter. De jonge spelleider, met zijn authentiek Afrikaans kapsel, roept Sylvia uit tot winnaar. Het publiek gaat uit zijn dak.
Iedereen is reeds vrij moe, maar er dient nog een finale-spel gespeeld te worden. De kandidaten verdelen zich in twee kampen en stellen zich in twee rijen op. Iedereen heeft een authentiek Afrikaans plastieken bekertje in de hand en met behulp hiervan dient een hoeveelheid water doorgegeven te worden. De ploeg die aan het einde van de rij het meeste water overhoudt, heeft niet verloren. Waar blijven die Afrikanen toch hun fantasie halen?
Marleen De Bolle